De penseelstreken van Vita
De contrastrijke schilderijen van Vita behelzen meer dan op het eerste gezicht valt te ontwaren. Van veraf lijkt het gewoon strakke ambacht, maar met de neus er bovenop komen opstaande outlines naar voren, waarbinnen de verf met flinterdunne penseeltjes verschillende richtingen is gegeven. Monnikenwerk dat van het linnen af lijkt te spatten. In geuren en kleuren vertelt Vita over onverdunde werkwijzen.
Schoorsteenvegers
"Vita is een afkorting van Vittali. Vita is Italiaans voor leven en ik ben van Italiaanse afkomst. In 1859 kwamen mijn voorvaderen in Amsterdam aan om naar Amerika te reizen, maar ze zijn hier blijven hangen. Het waren schoorsteenvegers, die daadwerkelijk hun eerste zaak begonnen in de Schoorsteenvegerssteeg. Er zijn nu nog steeds Vittali-schoorsteenvegers in Amsterdam. Als je trouwens in Italië een schoorsteenveger tegenkomt op een bruiloft, dan brengt dat geluk."
Aat Veldhoen
"Eind jaren zeventig hing ik rond in kunstkringen, met Aat Veldhoen. Zijn zoon Tygo heeft nu een tattoo-shop in Amsterdam, samen met Henk Schiffmacher. In 1977 keek Aat naar mijn handenn en zei tegen me: 'jij kan ook schilderen'. Toen ben ik een beetje gaan rommelen en spelenderwijs kreeg ik de techniek onder de knie. Mijn techniek is nooit veranderd, schilderijen uit mijn begintijd zien er hetzelfde uit, al ben ik iets strakker geworden. Eigenlijk ben ik een invuller, omdat ik helemaal niet kan tekenen. Daarom ben ik jaloers op kunstenaars die zo uit de losse hand iets straks neerzetten, want ik kan niet eens een rondje maken. Ik heb een apparaat om de contouren op het doek te zetten, daarna kan ik mijn spelletje doen."
Verfdijkjes
"Ik begon met maar één doek en veel tijd. Als je wat ik maak op een normale manier zou schilderen kan het binnen een dag, maar ik doe er minstens tien dagen over. Ik duw met een penseel onverdunde verf beetje bij beetje op tot randen, dijkjes noem ik dat. Als dat ik met verdunde verf zou doen, zouden die dijkjes in elkaar zakken. Binnen die dijkjes maak ik het helemaal vlak, waarna ik structuur aanbreng in de verf. Dat is een verschrikkelijk werk, daarmee ben ik uren aan het priemelen. Het lijkt vlak geschilderd, maar als je van dichtbij kijkt met goed verlichting zie je een ander perspectief en de variatie in de streken. Voor zover ik weet ben ik de enige die zo schildert. Eigenlijk is het gekkenwerk, maar ik krijg een kick van perfectie. Soms is dat vermoeiend. Ik ben nu 65 en als ik een paar uur bezig ben voel ik het aan mijn rug, dan moet ik stoppen. Maar ik ben nog steeds heel geduldig en het is heerlijk om te doen. Met een groot doek ben ik een maand bezig, elke dag een paar uur."
Horiwaka
"Tijdens de eerste tattoo-conventie in de RAI was ik chauffeur van Horiwaka. Op de conventie hingen ook wat doeken van me, waar ik eigenlijk geen omschrijving voor had. Toen Horiwaka ze zag zei hij: 'Jij bent een tatoeëerder op linnen'. Toen dacht ik: Hé, eigenlijk heeft hij gelijk. Die old school tattoo-designs vind ik ook mooi om te maken en ze vallen ook bij de liefhebbers in de smaak. Een schilderij van mij uit 1980 ziet er nog als nieuw uit, dankzij goede olieverf en kwaliteitslinnen. In Amsterdam hangen veel doeken van me. In Spanje heb ik ook vijf jaar geschilderd, vandaar dat in Andalusië eveneens aardig wat van mijn werk hangt. Het blijft echter een hobby, want ik kan er niet van leven. Maar er staat altijd wat op mijn ezel, ik kan niet zonder."
(bron: Tattoo Courant nr 4 - 2008, www.tattoocourant.nl)